20.000 mijlen onder zee Jules Verne

Het verhaal begint in 1866. Een mysterieus zeemonster, volgens sommige ooggetuigen een grote narwal, terroriseert de schepen van verschillende landen. Na een aanval op een oceaanschip stelt de Amerikaanse regering een expeditie samen om dit monster op te sporen en te vernietigen. Een van de leden van de expeditie is de Franse professor en marienebioloog Pierre Aronnax. Hij is tevens de verteller van het verhaal. Andere leden van het team zijn Aronnax' onderdanige assistent Conseil (in sommige vertalingen Koenraad), die zijn meester in alles volgt, en de minder fijnbesnaarde Canadese harpoenier Ned Land.

De expeditie vertrekt van Long Island (New York) aan boord van het marineschip Abraham Lincoln. Na een lange zoektocht op de Grote Oceaan wordt het monster gevonden. Het komt tot een treffen tussen het monster en het schip, waarbij het schip zware schade oploopt. De drie protagonisten vallen overboord, en belanden op het monster. Dit monster blijkt tot hun verbazing geen beest te zijn, maar een metalen constructie: het is een onderzeeboot. De drie worden aan boord gehaald, en begroet door de kapitein van de boot, Nemo. Hij vertelt dat de duikboot de naam Nautilus draagt, en een creatie is van hemzelf.

Nemo wil de drie mannen niet laten gaan, want zijn geheim moet bewaard blijven. Overigens worden ze gastvrij behandeld. De rest van het boek beschrijft de reis van de Nautilus door de wereldzeeën. Nemo is een zeer geleerde en zeer rijke man. Hij lijkt te worden gedreven door zowel een honger naar wetenschappelijke kennis als door wraak op de beschaving. Hij heeft gezworen nooit meer een voet op het land te zetten en zijn schip wordt volledig voorzien door de voortbrengselen van de zee. Nemo heeft een aparte zaal met een gigantische eigen bibliotheek. De Nautilus zelf wordt geheel aangedreven door elektriciteit en is voorzien van apparatuur voor nauwkeurig onderzoek op de zeebodem.

Aronnax maakt het beste van zijn situatie en kan zelfs goed opschieten met Nemo, met wie hij een gemeenschappelijke obsessie voor zeeleven deelt. Conseil volgt zijn meester. Ned Land, de enige van de drie die absoluut niet blij is met hun lot, beschouwt Nemo als zijn vijand en probeert voortdurend pogingen te verzinnen om te ontsnappen. Ned Land blijft echter een eerlijk man en grijpt in als de kapitein door een zeemonster wordt aangevallen.

Met de bemanning buiten Nemo hebben de drie protagonisten vrijwel geen contact. Dit komt deels doordat ze een taal spreken die de drie niet kunnen verstaan, en deels doordat ze zich afstandelijk gedragen. Ook is het goed mogelijk dat de bemanning instructies heeft gekregen zich niet met de drie te bemoeien, hoewel het boek dit nergens expliciet vermeldt.

De Nautilus begint aan een reis van 80 000 kilometer: van de oceaan nabij Japan via Polynesië naar de Torresstraat, de Indische Oceaan, de Rode Zee, de Middellandse Zee,[1] de Atlantische Oceaan, de Zuidelijke IJszee, de Golfstroom en uiteindelijk de Noorse kust. Op hun reis belandt de groep op veel exotische locaties. Ze gaan op een onderzeese jacht bij het eiland Crespo en worden bijna door de inboorlingen van Nieuw-Guinea gedood. Ze bezoeken de parelbank van Ceylon en begraven een bemanningslid in een koraalrif. Ze zien de koralen van de Rode Zee, bezoeken de Zuidpool[2] en het legendarische Atlantis. Nemo toont nog meer van zijn uitvindingen, waaronder duikpakken waarmee de bemanning de zeebodem kan verkennen, en speciale geweren met elektrische kogels. Gaandeweg blijkt ook dat de reis niet zonder gevaar is, bijvoorbeeld wanneer alle ingezetenen onder Zuidpoolijs bekneld raken en bijna stikken door zuurstofgebrek, en later wanneer de Nautilus wordt aangevallen door inktvissen. Tijdens de reis overlijden enkele bemanningsleden. Een raakt bij een aanval op een schip dodelijk gewond aan zijn hoofd, de tweede wordt tijdens het gevecht met de inktvissen door een reuzeninktvis gegrepen.

Uiteindelijk wordt de Nautilus opgespoord en aangevallen door een marineschip. Ondanks aandringen van Aronnax om deze boot te sparen, zet Nemo de aanval in en keldert het schip. Nemo wordt hierna verteerd door schuldgevoel en de waakzaamheid van hem en de bemanning verslapt. Kort hierop belandt de Nautilus in de Moskstraumen-draaikolk voor de kust van Noorwegen. Dit is de kans waar de drie gevangenen op hebben gewacht, en ze ontsnappen uit de Nautilus, zodat Aronnax het verhaal kan vertellen. Aronnax raakt buiten westen en komt bij in een vissershut op de Lofoten. Het lot van Nemo en zijn bemanning wordt niet onthuld.