Bambi

Bambi, het kleine hertje, maakt de eerste jaren kennis met alles wat los en vast zit in het grote woud waarin hij samen met vele andere dieren woont.

Hij ontmoet het konijn Stampertje, met wie hij vriendjes wordt en met wie hij vele avonturen beleeft. Hij maakt ook kennis met Bloempje, een stinkdier dat zich zo laat noemen omdat Bambi in zijn kinderjaren slechts enkele woorden kende, waaronder "bloempje". Nadat het gedeelte in het woud is ontdekt, mag Bambi met zijn moeder naar de grote weide. Als het jonge hertje het vele gras ziet en erop af wil rennen, houdt zijn moeder hem snel tegen. "De weide is groot en open en er is weinig groen om je achter te verstoppen. Er wordt daarnaast gejaagd, door de mens..." Alles blijkt veilig te zijn en Bambi ontmoet Feline, een jong meisjeshert. Bambi is erg verlegen, terwijl zij juist met hem wil spelen. Als ze uiteindelijk lol met elkaar hebben, komt er een groep herten aangerend. Ze stoppen allemaal voor de "Grote Prins", het oudste en slimste hert van het woud. Dan ligt het gevaar op de loer: de mens is in het bos. De herten vluchten het bos in naar hun veilige schuilplaats.

Als de winter is aangebroken, beleeft Bambi avonturen op het ijs met Stampertje en maakt hij kennis met "sneeuw". Het eten raakt op en er is bijna niets meer te vinden in het bos. Op een dag ziet zijn moeder een beetje gras in een open veld. Maar de jagers zijn weer in het bos en Bambi en zijn moeder vluchten. Bambi mag in geen geval omkijken en moet zo snel mogelijk naar hun schuilplaats. Dan klinkt er een schot. Niet veel later is Bambi in veiligheid, maar zijn moeder ziet hij nergens meer. Als Bambi haar gaat zoeken staat hij ineens oog in oog met zijn vader, die zegt dat Bambi's moeder door de jagers is meegenomen. Bambi moet nu dapper zijn en voor zichzelf leren zorgen.

Bambi groeit op tot een volwassen hert. Ook Stampertje en Bloempje zijn volwassener geworden. De uil in het bos maakt hen er attent op dat het lente is, de tijd van de zogenoemde "lentekolder": een jongen ontmoet een meisje en wordt zo verliefd op haar dat hij zijn hoofd niet meer van haar af kan houden. Alle drie menen ze dat hen dat niet overkomt, en ze lopen weg. Uiteindelijk blijkt Bloempje een vriendinnetje tegen te komen. Even later haakt ook Stampertje af als hij een lief vriendinnetje tegenkomt. Bambi loopt verder en komt Feline tegen. Eerst moet hij niets van haar hebben, maar later ziet hij wel iets in haar. Dan worden ze bedreigd door een ander hert. Bambi probeert Feline te beschermen door het andere hert te verjagen, dat na een lang gevecht besluit te vluchten.

Opnieuw zijn de jagers in het bos, maar nu zijn ze met meer. De dieren vluchten verder het bos in, maar velen ontkomen niet aan de schoten. Vogels en andere dieren sneuvelen al snel. Als Feline op zoek gaat naar Bambi, stuit ze op een troep jachthonden. Feline vlucht en weet zich tijdelijk te verschansen op een richel. Bambi komt op tijd om Feline te redden en gaat in gevecht met de honden. Hij weet de honden te verslaan en vlucht. In zijn vlucht wordt Bambi echter door een jager in zijn been geschoten. Bambi is gewond, maar moet van de Grote Prins opstaan. Een nagloeiend kampvuur in het kamp van de jagers en de harde wind zorgen ervoor dat het bos binnen de kortste keren in lichterlaaie staat. Samen met de Grote Prins vlucht Bambi naar een veiliger plek, die echter nauwelijks te vinden is: het vuur grijpt razendsnel om zich heen. Uiteindelijk loopt het allemaal toch goed af.

De volgende lente bevalt Feline van een tweeling. Het hele bos is komen kijken en geniet van de twee kleine hertjes. Vanaf een hoge berg staat Bambi samen met zijn vader trots toe te kijken.